Marijke Rouhof
Fugastraat 11
7534 GA Enschede
053 461 8694
info@marijkerouhof.nl

Marijke Rouhof, NLP-Coach in Twente

Gevoelige kinderen; uitleg over mijn begeleiding


Ouders en leerkrachten hebben soms moeite met erg gevoelige kinderen.

Vroeger werden ze  nieuwetijdskinderen en/of indigokinderen genoemd.

Sinds een aantal jaren is de term HSP en/of hoogsensitief redelijk ingeburgerd.

 

Misschien kan het lezen van mijn ideeën over deze kinderen en mijn manier van met ze omgaan, een aanzet zijn tot het vormen van een eigen mening en aanpak.

 

Sinds 1999 werk ik op een basisschool in Glanerbrug,  inmiddels op 9 basisscholen in Enschede. Bij alle scholen werk ik een ochtend om de twee a drie weken. Ik evalueer met de intern begeleider (IB-er) en zo nodig geef ik informatie of tips aan de leerkracht van het kind dat voor gesprekken bij me komt. Soms komen ouders voor een gesprekje op school.

Bij kinderen die in mijn praktijk behandeld worden heb ik ook vaak intercollegiaal contact met orthopedagogen/maatschappelijk werkers/leerlingbegeleiders/schoolverpleegkundigen en/of schoolartsen.

 

Allereerst : deze kinderen zijn gewone kinderen. Ze leren en spelen, eten en slapen als alle andere kinderen. Ze zijn alleen extra gevoelig voor indrukken en signalen die andere kinderen en volwassenen niet meer opmerken of gemakkelijker naast zich neerleggen. Ze voelen, horen, ruiken, zien en weten dingen waarvan de  meeste mensen zich niet meer bewust zijn. Het lijkt dat deze kinderen daardoor een eigen wereldje geschapen hebben en dat de gewone wereld gezien wordt als de boze buitenwereld. Ze hebben vooral erkenning nodig. Ruimte en rust om tot volledige ontplooiing te komen en daardoor tot integratie van hun eigen wereldje en de wereld van alledag.

Zo worden ze zich bewust van hun eigen waarde en leren ze anderen ook in hun waarde te laten. Ze zijn en blijven in hun kracht, passen zich niet aan ten koste van zichzelf en gaan niet op in de massa. Zijn zich bewust van hun waarheid en snappen dat een ander dat soms anders ziet. Overschreeuwen zich niet maar laten zich ook niet ondersneeuwen. Ze hebben  meestal wijze ideeën  en kunnen die goed verwoorden als er echt naar ze geluisterd wordt.

 

Rust en ruimte.

Voor deze kinderen is even de klas uit gaan ( liefst echt naar buiten ) of bijtijds een raam openzetten soms nodig om weer tot zichzelf te komen. Ze voelen spanning haarfijn aan en  zien wel eens een wolk van  kleurtjes om iemand heen. Als wij die spanning ontkennen geeft  hen dat alleen maar een gevoel van onmacht. Ze gaan dan twijfelen aan hun waarneming; wegvluchten in hun eigen wereldje is dan een veilige oplossing. Laten we als ouders en leerkrachten zelf eerlijk zijn om hen te bevestigen in hun gevoel. Niet uitleggen waarom we ons onprettig voelen  maar wel zeggen dat  hun waarneming klopt.

Even uiting geven aan een rotgevoel  is (h)eerlijk en lucht meer op dan een wolk van spanning creëren en die dan nog ontkennen ook.

Deze kinderen zijn een spiegel voor wie met ze omgaat en in die spiegel durft te kijken…

Gevoelige kinderen willen graag helpen als ze narigheid zien of voelen. Ze zijn echter zelf nog in de groei en hebben veel energie voor zichzelf nodig.

Een meisje zei het heel treffend :” Mamma had hoofdpijn; pappa was heel moe en mijn zusje had erge buikpijn. Toen ik ze geholpen had waren ze allemaal de helft kwijt maar ik had anderhalf erbij!”

Wegdromen.

Als deze kinderen zich opgesloten voelen door strakke kleding , strenge regels en wetten of in een ruimte zijn waar veel spanning is, raken ze letterlijk de grond onder hun voeten kwijt. Ze gaan dromen, hun aandacht krijgt vleugels en ze vluchten weg in hun eigen wereldje waarin ze zich veilig voelen. We kunnen ze daar niet meer zo gemakkelijk bereiken. Om ze weer terug te halen in onze wereld kun je ze heel voorzichtig  aanraken en zachtjes maar duidelijk iets zeggen. (b.v. “denk aan je voeten”) Met je handen even over hun rug  aaien in de richting van  de aarde kan ook heel prettig zijn.

Maar: schreeuw alsjeblieft niet :” He, hallo daar slome, blijf er wel effe bij, hè.”

Dan wordt het verschil tussen hun  eigen veilige wereldje en de “grote mensenwereld” wel heel erg groot en is terugkomen niet echt aantrekkelijk.

Onrustig slapen

Als het donker is voelt alles anders. De meeste kinderen zijn wel eens bang in het donker maar deze kinderen kunnen zo bang zijn dat ze echt niet durven te gaan slapen. Het kan zijn dat ze de dag niet goed af kunnen sluiten omdat ze teveel indrukken hebben gehad die ze nog niet kunnen plaatsen. Ook geven  deze gevoelige kinderen soms aan dat ze echt bang zijn dat er iemand in hun kamertje is. Ze voelen de aanwezigheid en “horen stemmen”. Als ouder kun je ze geruststellen, alleen als ze het idee hebben dat er echt naar hen geluisterd wordt durven ze het hele verhaal te vertellen. Bedenk ook dat als  wij iets niet zien of voelen  het niet altijd hoeft te betekenen dat er niets is (de meeste mensen  merken radio – en televisiegolven ook pas op als ze een ontvanger inschakelen.)

Geruststellen kan door ze toe te dekken met een “denkbeeldig” dekentje. Je strijkt met je handen boven hun lichaampje dat in bed ligt, beginnend bij hun voeten en eindigend bij hun hoofd. Ook het maken van een “beschermingscirkel” behoort tot de mogelijkheden. Je maakt dan een cirkel in gedachten om het bed van je kind heen; laat je niet hinderen door meubels of muren, de energie volgt je gedachten en gaat door muren heen.

Je kunt je kind beschermen maar het is vooral belangrijk dat je ze hun eigen kracht laat voelen. Ze weer bewust laat worden van hun zelfvertrouwen en hun besturingskracht. Angst wordt geen paniek meer als ze het idee hebben dat ze zelf iets kunnen doen in plaats van zich een willoos slachtoffer te voelen.

In mijn begeleiding gebruik ik hierbij vaak het derde chacra: de zonnevlecht. Bij kinderen noem ik dat vaak “het zonnetje in je buik”. Als kinderen zich concentreren op die zon, voelen ze de warmte ook echt. Ze zijn zich bewust van de uitstraling en de energie die bij die plek hoort. Ze weten dat ze krachtig zijn en voelen dat ook!

 

Je verhaal vertellen

De tegenwoordige tendens van “druk, druk, druk “, drukt op deze kinderen. Ze willen graag vertellen wat hen bezighoudt maar kunnen dat alleen als ze zich veilig voelen en weten dat er 100% aandacht voor ze is.

Onvoorwaardelijke aandacht, zonder oordeel!

Iemand die naar ze luistert, ook als ze de juiste woorden niet zo snel  kunnen vinden, die niet invult maar aanvoelt wat ze bedoelen. Soms zijn woorden niet duidelijk genoeg om aan te geven wat je voelt en bedoelt en het is helemaal moeilijk als je nog niet zoveel woorden kent.

Juist iemand die geen directe gezinsband met het kind heeft kan goed fungeren als klankbord. Aandachtig aanwezig  zijn en veiligheid bieden is voldoende.

Een buitenstaander gaat ook niet zo snel met zijn gedachten op de loop (oh, dus daarom slaapt ze zo slecht…) en komt niet direct met oplossingen.

Kinderen die hun verhaal verteld hebben en – eindelijk – weten dat ze niet gek zijn, komen zelf wel met de oplossing voor hun probleempjes.

 

Grenzen stellen

Kinderen weten heel goed wie ze wel en niet kunnen vertrouwen om hun verhaal te vertellen en wachten tot het juiste moment (dat kan jaren duren…)

Ze geven ook fysiek hun grens aan wat betreft nabijheid.

Als ze even wat ruimte voor zichzelf nodig hebben willen ze niet op schoot of geknuffeld worden. Respecteer dat en zet je eigen behoeften, waarden en normen maar even opzij, (als oma boos wordt als ze geen kusje krijgt kun je misschien wel snappen dat je kind er haar geen wil geven …)

Ze voelen ook goed aan hoe dicht ze bij de ander mogen komen.

Of die ander ruimte voor ze heeft.

Ze springen echt niet plompverloren bij pappa op schoot als hij vol (werk)stress thuiskomt.

Deze kinderen geven duidelijk aan wanneer het hun teveel wordt.

Als daar niet naar wordt geluisterd gaan ze over tot “hardere acties”: huidproblemen ( als je ze echt te dicht op hun huid zit…), benauwdheid ( als ze geen lucht meer kunnen krijgen …), bedplassen ( als ze pissig zijn…) of ze gaan zich “etterig” gedragen.

Het is onze taak  als volwassenen  om rustig te blijven en ze te laten voelen en weten dat we van  ze houden.

Belangrijk daarbij is dat we ons niet schuldig  voelen, wij zijn ook mensen!

Mensen zijn geen engelen  en hebben ook geen engelengeduld…

Ons geduld wordt soms danig op de proef gesteld.

Als het kind meer ruimte krijgt omdat de ouders meer inzicht hebben gekregen zal het zich  “normaler” gaan gedragen; maar… iets wat jaren een patroon is geweest verandert niet zomaar!

Tijdens en na mijn begeleiding  probeert het kind (en soms de ouder die aanwezig is) spanning kwijt te raken door te gapen of te zuchten of door winden of boeren te laten.

Net als bij een snelkookpan die onder te hoge druk staat kun je de druk verminderen door even iets lucht weg te laten stromen; de pan van de kookplaat weg te nemen (het kind uit de “bedrukkende” of te drukke situatie weg te halen) of……….

Een kind zei me eens ;” Marijke; als het echt te lang duurt ben ik net een vulkaan; dan moet ik ontploffen”.)

Bij grenzen stellen hoort ook: je eigen grens duidelijk en zonder emoties aangeven.

Geef – voordat je boos gaat worden – aan dat je wilt dat je kind zich houdt aan de afspraak die gemaakt is.

Heb zo weinig mogelijk regels zodat het voor jezelf en je kind duidelijk is wat er verwacht wordt.

Wees consequent en congruent in je gedrag, het is even een investering maar het levert voor eenieder veel levensgeluk op.

 

 

Hoe geef ik deze begeleiding handen en voeten?

Het allerbelangrijkste van alles is luisteren. Luisteren wat een kind zegt; met woorden, met zwijgen, met lichaamstaal, maar ook met zijn uitstraling. Het opvangen van die uitstraling is mijn kracht; ik kan goed opvangen wat een kind voelt en bedoelt; me daarop afstemmen en het dan verduidelijken zodat het bespreekbaar wordt.

Het is erg moeilijk precies te vertellen wat ik doe. Elk kind, elke leeftijd, elke situatie vraagt om een andere aanpak. Ik werk op mijn intuïtie, zodat – als ik me al iets had voorgenomen – het in werkelijkheid heel anders kan uitpakken.

Tijdens de sessie  kunnen zich zaken aandienen of kunnen er inzichten naar boven komen die heel waardevol zijn. Daar ga ik dan mee verder.

 

Op de scholen waar ik werk krijg ik een lijstje met namen van kinderen waarvan ouders en/of leerkrachten het zinvol vinden dat ik aandacht aan ze besteed.

Als er dan nog tijd over is loop ik een lokaal binnen en kijk rond wie er met me mee wil.

Ieder kind vindt het natuurlijk heerlijk om even de klas uit te mogen  maar “misbruik” herkennen de leerkracht en ik heel snel.

Eigenlijk komt dat niet voor, kinderen weten dat er weinig tijd beschikbaar is en geven zelf aan wanneer ze voldoende tijd hebben gehad zodat er ook nog tijd voor een ander overblijft.

Kinderen kennen wat dat betreft ook goed  grenzen, ze zijn erg solidair.

 

De kleintjes van groep 1 en 2 kennen me niet maar voelen blijkbaar iets aan me waar ze zich veilig bij voelen. Als het nodig is komen ze vanzelf naar me toe en vragen ze me hun veters te strikken of zoiets. Als ze me niet nodig hebben zien ze me niet eens.

 

De groten kennen me inmiddels wel en spreken me ook direct aan : “heb je zo nog 5 minuutjes voor me?”

Ik schrijf de naam van het kind op en maak korte notities voor overleg met de IB-er en voor eventueel contact met de ouders.

 

Mogelijke gespreksonderwerpen:

Bij o.a, conflicten: je eigen ruimtevoelen en laten voelen aan een ander.

En: de ruimte van de ander voelen en respecteren. Het eerste is gemakkelijk, het tweede gaat in een volle klas heel wat moeilijker!

Als hulpmiddel gebruik ik wel eens een hoepel als begrenzing van je ruimte en je krachtveld. Als je uit de hoepel stapt moet je de cirkel even visualiseren om je bescherming, veiligheid en kracht weer te voelen. Soms is een cirkel niet voldoende en maken we er een cilinder van. We gebruiken ook vaak een “pak” (brandweer-, duiker-, ridderpak of prinsessenjurk met sluier).

Bij o.a, “dromerige” kinderen die zich moeilijk kunnen concentreren: aarden, de aantrekkingskracht van de aarde voelen en je daarmee laten doorstromen. Een snelweg waar de energie van boven naar beneden stroomt en andersom. Net zoveel als op dat moment nodig is.

Als een radio stoort leg je een ijzerdraadje naar de aarde.

Kinderen leren heel snel om wat hen stoort weg te sturen.

Een kind dat veel pestgedrag vertoonde ontdekte dat als ze haar onvrede wegstuurde ze zichzelf prettiger voelde en niet meer de neiging had het op anderen te botvieren.

Een jongen die -door teveel verdriet in zijn leven – niet meer durfde te voelen zei na een tijdje : “Nu snap ik hoe de bloemen groeien, want weet je, er zit kracht in de grond. Ik voel het omhoogkomen door mijn benen.” Hij kon dus weer voelen!

Als je in je jeugd goed hebt leren omgaan met je gevoel neem je dat je hele verdere leven als een verworvenheid mee. Je verleert het niet meer, al kan het soms wel even duren voor je het weer      ont-dekt hebt. Om – na jaren niet schaatsen – het weer  net zo goed te kunnen als vroeger is een beetje lef en een tijdje oefenen wel nodig!

Bij kinderen met o.a, fysieke klachten: bewust worden waar je zo onrustig over bent: meestal maken we het “rotgevoel” iets erger en zoekt het zich een weg in het lichaam. Soms is de plek overduidelijk:  ( b.v. de keel: slikken of stikken….)

We kijken wat het gevoel te zeggen heeft en laten  het wegstromen in de grond als de boodschap begrepen is. Kinderen zijn daarin veel sneller dan volwassenen. Zij hebben meestal nog geen overlevingspatronen ontwikkeld en komen direct “to the point”

Bij o.a,faalangst: voelen hoe het is als je echt sterk  bent.

Voelen doe je met je buik, denken met je hoofd. Als je alleen maar denkt dat je sterk bent “waai je zo om“. Als je echt voelt dat je sterk bent, kan niemand je omduwen of aan de kant zetten.

 

Als kinderen op school bij me geweest zijn zeg ik altijd dat ze  thuis even moeten vertellen waar we het over gehad hebben; vraag ze niet uit maar geef ze wel de kans erover te praten.

Uiteindelijk ben ik maar even begeleider; een schakeltje tussen  ouders en/of leerkrachten en het kind om de lading van de problemen af te halen en er een fris windje door te laten waaien.

Als je de “vuile was even buiten hangt” wordt er gelucht en kan de lucht opklaren.

Ik zal een kind niet vragen een exacte situatie te bespreken, ze praten alleen over het gevoel dat die situatie bij hen heeft opgeroepen

Op de scholen werk ik niet alleen met (super)gevoelige kinderen. Ook kinderen die gepest worden, zelf pesten, zich slecht kunnen concentreren etc. komen voor begeleiding in aanmerking. Meestal zijn ze erg gevoelig en kunnen ze daar niet altijd voor uitkomen.

Kinderen komen de eerste keer 10 a 15 minuten, daarna is 5 minuten meestal voldoende.

Het aantal keren dat het kind komt is afhankelijk van de situatie.

Als het om wat onhandig sociaal gedrag gaat is 3 a 5 keer vaak voldoende, bij ernstiger problematiek komt het kind elke keer even kort om zijn verhaal te kunnen vertellen.

Door de aantekeningen die ik maak kunnen we inzichtelijk maken dat een schijnbaar hopeloze situatie toch verandert in de loop van de tijd.

Als de situatie niet kan veranderen (b.v. als een ouder is overleden) is het mogelijk om anders te kijken naar die situatie waardoor het lichter lijkt te worden. Kinderen spreken vaak uit dat ze zich opgelucht voelen na een gesprekje.

Ik kijk en denk mee met de leerkracht, zo kunnen we samen zorgen dat het kind minder gehinderd wordt door beperkende gedachten zodat er meer gelegenheid is om de lesstof op te nemen en te gebruiken.

Mijn begeleiding is vooral gericht op het kind. De begeleiding van het Maatschappelijk werk en het ZAT-team is vooral gericht op de ouders en het gehele gezin.

Er is een goede samenwerking met maatschappelijk werk, schoolverpleegkundige en andere hulpverleners.

Voordat er met gesprekken op scholen gestart kan worden is er toestemming nodig van beide ouders. Als het zinvol is om te overleggen tussen hulpverleners die bij het kind betrokken zijn, wordt er weer toestemming gevraagd aan de ouders.

In mijn praktijk behandel ik mensen middels voetzonereflextherapie. Kinderen van scholen waar ik als begeleidster werk neem ik niet in mijn praktijk als client aan, oa om belangenverstrengeling te voorkomen.

Hun ouders en leerkrachten zijn van harte welkom.

Marijke Rouhof



Geplaatst op door Marijke